15/09/2026
Een nieuwe blog!
Over bezorgde mama’s en sportende kinderen!
https://www.facebook.com/share/p/14rPgo54JSn/?mibextid=wwXIfr
Als eten de enige knop wordt waar ze nog aan kan draaien
-𝒪𝓋𝑒𝓇 𝒿𝑜𝓃𝑔𝑒𝓇𝑒𝓃 𝒹𝒾𝑒 𝓂𝒾𝓃𝒹𝑒𝓇 𝓌𝒾𝓁𝓁𝑒𝓃 𝑒𝓉𝑒𝓃, 𝑜𝓃𝑔𝑒𝓇𝓊𝓈𝓉𝑒 𝑜𝓊𝒹𝑒𝓇𝓈 𝒹𝒾𝑒 𝓅𝑜𝓁𝒾𝓉𝒾𝑒𝒶𝑔𝑒𝓃𝓉 𝓈𝓅𝑒𝓁𝑒𝓃 — 𝑒𝓃 𝒽𝑜𝑒 𝒿𝑒 𝓌é𝓁 𝓇𝑒𝒶𝑔𝑒𝑒𝓇𝓉
Soms krijg ik ’s avonds laat een bericht : een ouder, met de handen in het haar. “Ze wil steeds minder eten. Ik weet echt niet meer hoe ik moet reageren.” En bijna altijd komen daar dezelfde twee bange vragen achteraan: eet ze eigenlijk nog wel genoeg? En — wanneer slaat dit door van ‘gewoon wat gezonder’ naar iets waar ik me écht zorgen om moet maken?
Neem de mama die me onlangs belde, met tranen in haar stem. Haar dochter van zestien eet al maanden minder en minder. Het begon met “gezonder willen eten” — en niemand die daar iets op tegen had — maar ergens onderweg is dat gekanteld in steeds minder, steeds strenger, steeds meer regels. Mama doet wat elke bezorgde ouder zou doen: ze dringt aan, ze telt mee, ze becommentarieert elk bord. “En hoe harder ik duw,” zegt ze, “hoe meer ze dichtklapt.”
Dat laatste zinnetje is precies waar het om draait. Want hier gebeurt iets anders dan bij een tiener die te véél snoept. Hier is het eten zelf het probleem niet. Het eten is een knop geworden — misschien wel de enige knop waar dit meisje nog het gevoel heeft dat zij alleen aan draait. Want als alles beweegt, wil je íets kunnen vasthouden.
De puberteit is één grote oefening in loskomen en zelf de touwtjes in handen nemen. En laat dat nu net de leeftijd zijn waarop zowat álles buiten je macht ligt: je lichaam verandert zonder toestemming te vragen, school en verwachtingen stapelen zich op, emoties gaan alle kanten uit, erbij horen is super belangrijk, en op sociale media kijkt de hele wereld mee. Zoveel dat je niet in de hand hebt.
En dan is er eten. Dát kun je wél sturen. Wat, wanneer, hoeveel — helemaal van jou. Voor een jongere die zich overspoeld voelt, kan controle over voeding een manier worden om zich even veilig en rustig te voelen. Niet uit ijdelheid, niet uit koppigheid, maar uit een heel menselijke behoefte om ergens greep op te hebben. Als je dat begrijpt, snap je meteen waarom “nu ga je gewoon eten” zo hard botst: je pakt haar net het enige af waar ze zich aan vasthoudt.
De reflex van elke ouder is die van de politieagent: controleren, aandringen, waarschuwen. Uit pure liefde en pure angst, en volkomen begrijpelijk. Maar uit onderzoek blijkt iets anders. Ze zagen dat net dat pushen om te eten — en het streng controleren — samenhangt met méér verstoord eetgedrag bij jongeren, niet minder. Met andere woorden: hoe meer je aan die ene knop trekt, hoe steviger zij hem vasthoudt. De keukentafel wordt een slagveld, en het eten — dat net weer gewoon en veilig zou moeten worden — wordt de dagelijkse inzet van een machtsstrijd. Uit liefde de agent uithangen is dus heel menselijk, maar het duwt precies de verkeerde kant op.
“Maar eet ze nog genoeg?” “En wanneer slaat het door?” Dat is de vraag die ouders me het vaakst stellen, en meteen de moeilijkste. Ik draai ’m daarom om. “Genoeg” is voor mij geen getal op een weegschaal of op een verpakking. Genoeg is: genoeg energie om te groeien, te bewegen, helder na te denken, te herstellen en zich goed te voelen. Een bord zegt weinig; het patroon zegt alles.
Een tiener die gewoon wat bewuster kiest, eet nog altijd flexibel, mee met het gezin, en zonder dat het haar hoofd opvreet. Waar ik wél alert word, is wanneer eten kantelt van flexibel naar rigide: het lijstje “mag niet” groeit, porties krimpen, ze trekt zich terug bij het samen eten, ze is voortdurend bezig met eten, lichaam of sport, en er sluipt uitputting in. Niet één zwaluw maakt de lente — maar dat patroon samen wél. En dan is de eerlijkste manier om te weten of ze nog genoeg binnenkrijgt, niet je eigen inschatting, maar die van een professional die weet waar hij naar kijkt. Twijfel je? Dan is dat op zich al reden genoeg om het te laten bekijken. Bij te weinig eten wacht je niet af tot je zeker bent.
Want hier zit het grote verschil met een tiener die wat te veel chips eet. Bij te véél mag je milde ruimte laten. Bij te wéinig kan dat niet — en dat wil ik heel duidelijk zeggen. Een groeiend, bewegend lichaam dat structureel te weinig brandstof krijgt, komt in de problemen, stiller dan je denkt.
In de sportwereld heet dat lage energiebeschikbaarheid, of LEA: er blijft, na alle beweging, simpelweg te weinig energie over voor alles wat het lichaam óók nog moet doen. Duurt dat te lang, dan begint het lichaam te bezuinigen op functies die het even “niet essentieel” vindt. De internationale consensus daarover — het IOC-statement over Relative Energy Deficiency in Sport (RED-S) — somt op wat er dan sluimerend misloopt: botten die verzwakken, hormonen die ontregelen, concentratie en stemming die zakken, weerstand die daalt, blessures die niet helen, en bij meisjes vaak een menstruatie die onregelmatig wordt of wegvalt.
Bij een jongere weegt dat extra zwaar: die is nog volop aan het groeien en bot aan het opbouwen — een reserve waar ze de rest van haar leven op teert. “Te weinig” is bij een tiener dus geen fase om rustig te laten passeren. Het is een fysiologisch alarmsignaal. Niets doen is hier net zomin een optie als hard duwen.
En dat is de kunst waar ouders me naar vragen: hoe stap je uit het gevecht zónder je kind los te laten? Want dit is geen “laat maar begaan”. Dezelfde onderzoeken die zeggen dat kritiek en controle averechts werken, laten ook zien dat ouders juist ontzéttend belangrijk zijn — alleen in een andere rol. Niet als bewaker die elke hap telt, maar als warme, kalme, verbonden aanwezigheid die, samen met professionele hulp, structuur en veiligheid biedt. Minder strijd, meer nabijheid. Minder controleren, meer dragen.
Concreet:
• Bied structuur, geen controlestrijd. Jij zorgt voor regelmatige, gezellige maaltijden en voor wat er op tafel staat. Dat is iets anders dan vechten om elke hap.
• Praat over energie en je goed voelen, nooit over gewicht of “gezond/ongezond”. “Daar heb je kracht van, en daar denk je helderder door” landt heel anders dan “dat moet je eten”.
• Aan tafel, in het moment: blijf rustig, maak er geen onderhandeling van, tel niet mee en becommentarieer niet. Een maaltijd mag weer gewoon een maaltijd zijn — hoe rustiger de tafel, hoe minder er te verdedigen valt.
• Uit je zorg buiten het eten om, en vanuit liefde in plaats van controle: “Ik hou van je en ik maak me zorgen om je” opent een deur die “Je moet dit opeten” dichtslaat.
• Blijf verbinden buiten het eten. Laat jullie band niet volledig over voeding gaan — een wandeling, samen een reeks kijken, een gesprek over iets anders houdt de relatie open.
• Wacht niet af. Groeien de voedingsregels, of zie je vermoeidheid, terugtrekken, blessures die niet helen of een menstruatie die wegvalt? Dat is een reden om nú hulp te zoeken, niet later.
En….wees mild voor je kind: dit is geen aanstellerij en geen onwil, maar een manier om overeind te blijven in een wereld die even te groot voelt. En wees mild voor jezelf: dat je in de politierol belandde, betekent alleen dat je bang was en van je kind houdt. Maar hier komt het moedige stuk, en dat is geen falen maar net kracht: dit is vaak groter dan wat je aan de keukentafel alleen kunt oplossen. Op tijd hulp inschakelen is het tegenovergestelde van tekortschieten.
Terug naar de mama die me belde. We hebben haar niet nog meer “trucjes om haar dochter te doen eten” meegegeven — dat had het vuur alleen aangewakkerd. We hebben haar uit de politierol gehaald, de tafel rustiger gemaakt, en er meteen een team omheen gezet: huisarts, een diëtist met kennis van RED-S, en psychologische begeleiding. Het gevecht was niet in één week voorbij. Maar de eerste keer dat er aan tafel weer eens gelachen werd in plaats van gevochten, wist die mama: dít is de goede richting. Niet duwen. Dragen.
ᴀʟꜱ ᴅɪᴛ ᴊᴇ ʙᴇᴋᴇɴᴅ ᴠᴏᴏʀᴋᴏᴍᴛ:
Herken je hier je eigen kind in, of je eigen keukentafel? Dan is de belangrijkste stap niet “nog strenger” of “nog meer loslaten”, maar hulp zoeken — vroeg, en samen. Begin bij je huisarts, en weet dat er in Vlaanderen gespecialiseerde hulp bestaat voor eet- en gewichtsproblemen (onder meer via Eetexpert). Je hoeft dit niet alleen uit te vissen. En hoe vroeger je aanklopt, hoe zachter de weg meestal is.
𝒟𝒾𝓉 𝒾𝓈 𝑒𝑒𝓃 𝑔𝑒𝓋𝑜𝑒𝓁𝒾𝑔 𝑜𝓃𝒹𝑒𝓇𝓌𝑒𝓇𝓅. 𝒟𝑒𝓏𝑒 𝒷𝓁𝑜𝑔 𝓋𝑒𝓇𝓋𝒶𝓃𝑔𝓉 𝑔𝑒𝑒𝓃 𝒾𝓃𝒹𝒾𝓋𝒾𝒹𝓊𝑒𝑒𝓁 𝒶𝒹𝓋𝒾𝑒𝓈 𝑜𝒻 𝒷𝑒𝒽𝒶𝓃𝒹𝑒𝓁𝒾𝓃𝑔. 𝑀𝒶𝒶𝓀 𝒿𝑒 𝒿𝑒 𝓏𝑜𝓇𝑔𝑒𝓃 𝑜𝓋𝑒𝓇 𝒿𝑒𝓏𝑒𝓁𝒻 𝑜𝒻 𝒿𝑒 𝓀𝒾𝓃𝒹, 𝓃𝑒𝑒𝓂 𝒹𝒶𝓃 𝒸𝑜𝓃𝓉𝒶𝒸𝓉 𝑜𝓅 𝓂𝑒𝓉 𝒿𝑒 𝒽𝓊𝒾𝓈𝒶𝓇𝓉𝓈 𝑜𝒻 𝑒𝑒𝓃 𝑔𝑒𝓈𝓅𝑒𝒸𝒾𝒶𝓁𝒾𝓈𝑒𝑒𝓇𝒹𝑒 𝒽𝓊𝓁𝓅𝓋𝑒𝓇𝓁𝑒𝓃𝑒𝓇.