29/09/2026
Regeneratieve landbouw
Afgelopen voorjaar werd ik uitgenodigd om deel te nemen aan een Intervisietraject vanuit de WUR met als onderwerp Regeneratieve landbouw.
“Welke ruimtelijke regels binnen de Omgevingswet kunnen belemmeringen wegnemen en kansen creëren voor een toekomstbestendig voedselsysteem?”
Met de vraag; ‘Wil je jouw rol versterken en bijdragen aan een toekomstbestendig voedselsysteem?’ was ik getriggerd en besloot me hierbij aan te melden.
Eerst volgden er een aantal webinars; ‘regeneratieve landbouw en het omgevingsrecht’ en ‘regeneratieve landbouw op natuurgronden’.
Velen volgden deze webinars vanuit hun positie binnen de gemeente of provincie, om te zien hoe de praktijk kan aansluiten bij de wet- en regelgeving.
Het webinar ‘het landbouwgif van de buurman’, waarin de vraag centraal stond; ‘Hoe krijgen we boeren aan hun verstand om geen gif meer te gebruiken, heb ik aan mij voorbij laten gaan.
De vragen die ik stelde aan het presenterende regeneratieve bedrijf;
- Jullie hebben verlaagde pachtprijzen voor de gronden die jullie gebruiken, maar alsnog wilde de bank de bouw van jullie nieuwe stal niet financieren, is dit bedrijf dan wel financieel rendabel?
- Als jullie 40 kg stikstof per hectare per jaar op het land brengen, maar er 150 kg stikstof per jaar afhalen, pleeg je dan geen roofbouw en gaat de kwaliteit van de grond niet heel hard achteruit?
- Hoe gaan jullie voldoen aan de eisen uit de stikstofbrief van van Essen? Hoe betaal je de innovaties? Hoe krijg je je CO2 uitstoot omlaag als je geen mais voert?
Mijn vragen werden niet gewaardeerd en sterker nog, antwoorden moesten achteraf komen, want men kon niet direct een antwoord geven.
Achteraf kreeg ik een e-mail met antwoorden op mijn vragen;
Ammoniakuitstoot hadden ze bijna niet, omdat ze veel weiden en omdat ze een potstal hebben.
Klinkt mooi, echter, van Essen rekent met harde stalcijfers en stuurbaar voer, waardoor veel weiden juist zorgt voor hogere gehaltes ammoniak op papier.
Een potstal is niet emissiearm te krijgen, je kan er immers geen emissiearme vloer in plaatsen of een koetoilet.
Over de CO2 uitstoot op hun bedrijf kreeg ik als antwoord dat ze geen kunstmest gebruiken, dus hun voetafdruk flink l***r is.
Ook dat klinkt mooi, maar ook hier wordt met de nieuwe regelgeving geen rekening gehouden. De CO2 uitstoot van een bedrijf wordt berekend voornamelijk uit opslag van voer en de stal zelf. En wederom zit je dan met een potstal niet goed, want deze stoot juist meer CO2 uit. Dit komt door de dikke lagen stro en mest, waardoor er geen zuurstof bij de mest kan komen, dit zorgt voor meer vorming van methaan (CO2).
Duidelijk, ergens missen praktijk en theorie elkaar en er mogen vooral geen kritische inhoudelijke vragen gesteld worden.
Maar dit plaatje; de huidige landbouw MOET veranderen en regeneratieve landbouw heeft de toekomst, wordt wel als de waarheid gepresenteerd aan heel Nederland. En eerlijk, als je er geen verstand van hebt, klinkt het toch ook heel mooi?
En van Essen wil proberen een uitzondering te maken voor dit type, biologische, extensieve bedrijven. Dus de bedrijven die het meeste uitstoten, mogen straks wel verder? Maar ieder die investeert in beperken van uitstoot, wordt afgestraft?
Waarom dan niet simpelweg een verplichting om biologisch en extensief te gaan boeren? Is het doel om uitstoot te beperken? Is het doel om de hele landbouw biologisch te maken? Of is het doel alle gangbare boeren van het toneel te vegen? Of gaat alleen om het melkvee?
Afgelopen week ontving ik een mail van de WUR; na zorgvuldige afweging hebben ze besloten dat er voor mij geen plek is in het intervisietraject; mijn casus sluit op dit moment onvoldoende aan bij de casussen en leerbehoeften van de overige deelnemers.
Je verwacht het niet…..